Meester Wilfred en het begin van het schooljaar

Meester Wilfred kijkt altijd reuze uit naar het begin van het schooljaar. Dat is zijn goed recht natuurlijk. Hij is dol op zijn werk en het begin van het jaar is altijd extra leuk omdat er dan allemaal nieuwe kinderen in de klas komen. Dat maakt de eerste dag dan altijd extra spannend en de meester zorgt dan ook dat hij dan extra goed uitgerust is. Hij heeft dan genoeg energie om alle kinderen de aandacht te geven die ze op zo’n eerste dag vaak nodig hebben. Het is al sinds jaar en dag duidelijk: er zijn veel verschillende kinderen, ja, we kunnen gerust stellen dat werkelijk ieder kind zijn eigenaardigheden heeft. Een kind zonder eigenaardigheden, dat is eigenlijk op zich ook heel eigenaardig.

Bennie is een van de kinderen die er niet om heen draait en zijn eigenaardigheid  met overtuiging en zonder enige terughoudendheid ten toon spreidt.

De eerste dag is nog geen vijf minuten oud als meester Wilfred hem vraagt om zijn naam te zeggen en zich voor te stellen aan de andere kinderen. Bennie kijkt even in het rond en zegt dan opvallend luid een heel vies woord dat zo vies is dat het hier niet voor herhaling vatbaar is. Nou heeft meester Wilfred best wel wat ervaring met kinderen die zo’n eerste dag heel eng vinden en dan maar alles doen om zo snel mogelijk de klas uitgestuurd te worden maar dit brengt hem wel degelijk even voor een ogenblik van zijn à propos.

 

‘Als je niet gewoon kan praten hou je maar even je mond’, zegt de meester. Bennie denkt twee seconden na, staat dan op en roept zo hard als hij kan (en dat is best wel hard) weer dat vieze woord, overtuigd daarmee zijn lot bezegeld te hebben. Maar de meester blijft rustig en gaat gewoon door met de andere kinderen. Die zeggen allemaal keurig hun naam. Niemand kijkt meer naar Bennie en dat is niet wat Bennie wil. Daarom herhaalt hij zijn statement nog maar eens opnieuw, nu met de handen aan zijn mond in een poging het vieze woord wat extra kracht en galm mee te geven. Daar zullen ze niet van terug hebben. De kinderen kijken naar de meester. Bennie kijkt de klas rond op zoek naar het effect van zijn woordkeus. Dat valt hem toch weer wat tegen.

 

Een meisje met drie vlechten steekt haar vinger op. ‘Meester, waarom doet Bennie dat?’ De meester begrijpt het wel maar zegt niets. Hij weet, Bennie vind het altijd lastig om nieuwe mensen te leren kennen. Dan voelt hij de drang om een onuitwisbare indruk te maken, hetgeen hem in de meeste gevallen ook lukt. De kinderen in de klas wachten wat de meester gaat zeggen. Meester Wilfred kijkt Bennie aan. ‘Kom dan maar even voor de klas staan’, zegt hij, nog steeds zonder zich boos te maken. Bennie aarzelt maar staat toch op. Met grote passen loopt hij naar de lessenaar van de meester die naast hem komt staan. ‘Zo Bennie, roep nou dat vieze woord maar zo vaak en zo hard als je wilt. Bennie begrijpt het niet. Wat zegt de meester nou? Hij lacht voorzichtig en roept dan het vieze woord en daarna nog een keer, zo hard als hij kan. De meester moedigt hem aan en Bennie roept het woord nog een keer terwijl hij de meester onderzoekend aankijkt. Maar de meester beweegt niet. ‘Kom’ zei hij, ga maar door jongen’. Bennie zegt nog drie keer het woord achter elkaar maar al niet meer zo hard als al de vorige keren. Dan is hij stil. Meester Wilfred vraagt of hij al klaar is. Bennie schudt van nee en met lichte vertwijfeling rolt het woord nog een keer uit Bennie’s mond. Het blijft stil en Bennie zegt: ‘shit man’. Daarmee is Bennie klaar en mag hij van de meester naar zijn plaats.

 

Nu Bennie is stil gevallen steekt Lee zijn vinger op: ‘Meester, wat betekent dat vieze woord?’  De klas lacht en Lee het aller hardst. Meester Wilfred, die nog altijd maar heel rustig blijft, negeert de vraag om uitleg. Iedereen weet wat dat woord betekent. We bespreken het dit jaar nog wel in de biologieles.

Meester Wilfred vind de eerste dag nog steeds leuk en spannend. Met een glimlach pakt hij het rekenboek van zijn lessenaar en gaat de dag te lijf.

 

De belevenissen van Meester Wilfred zijn niet alleen grappig maar ook leerzaam. Kinderen, juffen, meesters, docenten, hoogleraren, professoren, directeuren, intern begeleiders, iedereen kan wel iets van meester Wilfred leren.